Thema: Poëtische dialogen

In de thema serie 'Poëtische dialogen' gaat steeds één niet-westers instrument met een westers instrument in gesprek. De duduk praat met de (forte) piano, de ney met de piano. De in Arabische toonladders gezongen melodiëen verstaan zich met de geplukte en gestreken bas. De shakuhachi antwoordt de harp en de Iraanse percussie maakt zich verstaanbaar boven de piano uit. Tot voor kort werden die concerten met het bijbehorend instrumentarium concerten met wereldmuziek genoemd. Maar eigenlijk dekt die term de lading niet want alle muziek is uiteindelijk wereldmuziek.
 

In de geschiedenis van de Westerse muziek zoals wij die kennen is het aantal instrumenten beperkt. Eeuwenlang hebben componisten in de Westerse wereld zich ook nauwelijks gewaagd aan het componeren van muziek voor andere instrumenten. Voor een deel heeft dat te maken met het verschil in toonsystemen en stemmingen. Kort gezegd komt het erop neer dat niet- westerse toonladders met andere toonafstanden worden opgebouwd. Daarnaast zijn er in westerse en niet-westerse muziek harmonische structuren die niet zomaar op elkaar aansluiten. En natuurlijk is musiceren ook cultureel bepaald. Sinds er in het westen een orkestcultuur is ontstaan, is juist voor die orkestbezetting of een daar van afgeleide be- zetting veel gecomponeerd. Naast het verschil in stemming en instrumenten speelt er ook het verschil in vorm.

 

De verschillen in toonsystemen tussen twee instrumenten kunnen deels worden opgehe- ven door instrumenten op elkaar af te stemmen. Zo zijn er met snaarinstrumenten maar ook met blaasinstrumenten heel wat intonatie mogelijkheden om naar elkaar toe te kleuren. Onder de noemer van de microtonale muziek zijn er veel verschillende systemen waarbij van die diatonische ladder die wij kennen, wordt afgeweken.
En in de eeuwen voordat het 'Wohltemperiertes klavier' met de gelijkzwevende stemming gemeengoed werd, bestonden er talrijke stemmingen voor toetsinstrumenten als het orgel en het klavecimbel, stemmingen die het mogelijk maakten bepaalde toonsoorten extra glans te geven. Soms ‘verbouwen’ musici hun westerse) instrumenten om bijvoorbeeld meer tonen in een octaaf te kunnen spelen. En pianist Rembrandt Frerichs die vaak met niet-westerse musici samen speelt, loste het stemmingsprobleem tussen de gelijkzwevend gestemde piano en andere instrumenten op door een makkelijk verstembare fortepiano te laten bouwen.

 

De concerten met poëtische dialogen gaan vergezeld van gereciteerde poëzie. Er klinkt Farsi, Turks, Japans, Arabisch. De gedichten worden in de concerten gepresenteerd als muzikale frasen die ook zonder dat we begrijpen wat we horen hun indruk achterlaten.
Er wordt vaak gezegd dat muziek een taal is die we allemaal verstaan, maar op deze uitspraak valt nog wel iets af te dingen. Laten we het houden bij een uitspraak van de Duitse filosoof Schopenhauer (1788-1860): muziek is de melodie waarvan de wereld de tekst vormt.


Bekijk alle concerten binnen dit thema

Deze website maakt gebruik van cookies om u een optimale gebruikerservaring te bieden.

Meer info